Hitteplan – uitdroging bij ouderen

Contact Us

Hitteplan – uitdroging bij ouderen

Tijdige herkenning van uitdroging (dehydratie) bij ouderen is van groot belang. Het stellen van deze diagnose bij ouderen is echter niet gemakkelijk.

Een cliënt met een vochttekort herken je vooral aan (meerdere van) deze signalen:

  • De cliënt is suf of verward (delier), heeft last van duizelingen en valt snel.
  • Is soms moeilijk te verstaan. De cliënt verslikt zich snel.
  • Verlaagde bloeddruk, koorts, obstipatie.
  • De cliënt klaagt over dorst, plast weinig en de urine is donker van kleur; dan is er al sprake van een ernstige dehydratie!
  • De cliënt verliest in korte tijd meer dan 3% van het lichaamsgewicht of meer dan 1 kg per dag. Een acute verandering van het lichaamsgewicht kan ook wijzen op overvulling.
  • Gortdroge tong en slijmvliezen.
  • Minder elastische huid (dit is ook een normaal verouderingsverschijnsel), jeuk en huidinfecties.
  • Een cliënt heeft een verhoogde kans op trombose en embolieën, blaasinfecties, luchtweginfecties, nierstenen en decubitus.

8 tips om uitdroging te voorkomen

Uitdroging voorkomen bij ouderenVerpleegkundige specialist ouderengeneeskunde Simone Paulis doet promotie-onderzoek naar uitdroging in de verpleeghuiszorg. Volgens haar is het grootste probleem dat veel zorgprofessionals een chronisch vochttekort niet op tijd herkennen. Ze geeft 8 tips om uitdroging te voorkomen:

1. MAAK DE NOODZAAK OM VOLDOENDE TE DRINKEN DUIDELIJK

‘Het valt mij op dat ouderen vaak denken dat ze voldoende drinken, maar als je doorvraagt blijkt dat ze de aanbevolen hoeveelheid voor ouderen á 1700 cc per dag niet halen. Ook weten ouderen vaak weinig van uitdroging.’

2. RAAD OUDEREN AAN VAKER OP DE DAG KLEINE HOEVEELHEDEN TE DRINKEN

‘In één keer een grote hoeveelheid drinken zorgt ervoor dat je maag uitzet, waardoor je minder zin hebt in eten of drinken.’

3. KOPPEL DRINKEN AAN ADL-MOMENTEN

‘Bijvoorbeeld na een warme douche, waarbij je vaak zweet en dus vocht verliest. Of zorg ervoor dat iemand altijd iets drinkt na het tandenpoetsen of een extra glaasje nuttigt tijdens een maaltijd of bij de medicatie inname.’

4.    ZORG VOOR AFWISSELING

‘Maak het consumeren van vocht aantrekkelijker door af te wisselen. Denk bijvoorbeeld aan: koffie, thee, water, fruitsap, yoghurt, fruit en groenten.’

5.    WEES ALERT BIJ KOORTS

‘Zorg dat iemand dan minimaal een halve liter per graad koorts meer drinkt dan normaal.’

6.    LET GOED OP HOEVEEL IEMAND DRINKT

‘Vochtlijsten in verpleeghuizen worden niet altijd even goed bijgehouden, maar zijn wel een graadmeter om een verandering in vochtconsumptie waar te nemen Zorg dat je alert bent op een verandering in drinkpatroon en drinkhoeveelheid. Werk je in de thuiszorg? Dan kun je ook samen met je cliënt een vochtlijst bijhouden. Zo brengen jullie in kaart of de cliënt voldoende drinkt en wordt de cliënt zich bewust van zijn vochtinname.’

7.    LET OP GEDRAGSVERANDERING

‘Is iemand verward of suf? Kijk dan eens kritisch naar hoeveel vocht iemand op een dag binnenkrijgt.’

8.    ZET HULPMIDDELEN IN

‘Heeft iemand een geheugensteuntje nodig om ervoor te zorgen dat hij voldoende drinkt? Denk dan aan de inzet van een hulpmiddel zoals de Obli. Dit hulpmiddel geeft een seintje wanneer het tijd is om te drinken.’

Behandeling van uitdroging

Als een cliënt uitgedroogd is of als de situatie de kans op uitdroging vergroot, dan kun je het volgende (laten) doen:

  • Vocht op recept en de vochtinname waarborgen. Cliënten goed voorlichten en stimuleren.
  • Regelmatig meten van bloeddruk, pols en temperatuur. Hoe vaak is afhankelijk van de ernst van de situatie.
  • Dagelijks of om de dag wegen.
  • Laboratoriumonderzoek (gericht op natrium, ureum, creatinine en osmolariteit).
  • Vochtbalans, hoewel vaak onbetrouwbaar, inclusief een schatting van ongemerkt waterverlies (uit verdamping en ademhaling).
  • De snelheid van vochtaanvulling is afhankelijk van de snelheid waarmee het vochttekort is ontstaan in combinatie met de ernst van de situatie. Langzaam ontstane tekorten moeten ook langzaam aangevuld worden.
  • In ernstige acute situaties kan een ziekenhuisopname nodig zijn of in ieder geval 24-uurs verpleegkundige bewaking.
  • Vocht kan op verschillende manieren toegediend worden als het niet per os kan:
    • Per sonde als het per os onvoldoende lukt en als er ook voldoende voedingsstoffen toegediend moeten worden.
    • Per infuus als acuut ingrijpen noodzakelijk is.
    • Hypodermoclyse.

Delen